Excite

Chronisch depressief: wanneer het glas altijd half leeg is

Na regen komt zonneschijn. En na elke down komt een up. Niet waar? Maar wat als de zonneschijn en de ups wegblijven en je je altijd somber voelt? Misschien ben je dan wel chronisch depressief? Of misschien ken je iemand in je omgeving met chronische depressiviteit? Hoe kun je hem of haar dan bijstaan?

Wat maakt iemand chronisch depressief?

Iedereen heeft wel eens last van een sombere periode. De meeste mensen zijn daar wel tegen bestand. Maar wat als je je altijd een beetje neerslachtig voelt? Dan kun je wel eens last hebben van chronische depressiviteit. Hier hoef je je niet voor te schamen. Chronisch depressief zijn is niets raars per se: het is een ziekte. En daar valt wat aan te doen.

Wat is het verschil tussen een depressie en chronische depressiviteit?

Chronische depressiviteit is een vorm van een depressie waarbij het ziektebeeld lang aanhoudt. De symptomen zijn minder hevig dan bij een 'gewone' depressie, maar houden zeker zo'n twee jaar continue aan. Wat chronische depressiviteit kenmerkt is dat de symptomen soms zwaarder zijn en dan weer lichter. Het kan dus maar zo zijn, dat de patiënt het leven soms relatief zonnig inziet, maar vervolgens weer somber tegemoet gaat.

Welke klachten komen voor bij chronische depressie?

Net als bij een 'gewone' depressie hebben mensen die chronisch depressief zijn last van de volgende klachten:

  • neerslachtige stemming
  • weinig energie hebben
  • weinig of juist veel eten
  • vermoeid zijn
  • veel of juist weinig slapen
  • concentratieproblemen
  • gevoel van weinig eigenwaarde
  • hopeloosheid
  • besluiteloosheid

Ook al zijn deze klachten doorgaans minder sterk bij een 'gewone' depressie, dat maakt ze niet minder vervelend. Ze bemoeilijken de sociale interactie en functioneren voor de patiënt wel degelijk.

Hoe kun je hulp bieden?

Het is best moeilijk om om te gaan met iemand in je familie of vriendengroep die chronisch depressief is. Toch zijn er een aantal richtlijnen waardoor je hulp kunt bieden:

  • Probeer de patiënt niet op te beuren of te adviseren. Dat werkt meestal juist averechts.
  • Wacht tot de patiënt zelf gaat praten. Dwingen om te praten, werkt alleen maar frustrerend. Voor de patiënt en jezelf. Bied vooral een luisterend oor.
  • Maak concrete afspraken. Helderheid hebben patiënten baat bij.
  • Pas op dat je zelf niet te betrokken raakt en zorg voor voldoende afleiding en ontspanning.

Holland - Excite Network Copyright ©1995 - 2017